Home 
 Over(dosis) Loes 
 Jeugdromans 
 Kinderboeken 
 Gedichten 
 Gastenboek 
 Workshops & zo 
 Links 

 

Gedichten

‘Gedichten schreef ik al op de basisschool. Als ik verdrietig, boos of juist heel blij was, wilde ik dat opschrijven. Een dagboek vond ik te saai maar in gedichten kon ik alles kwijt: mijn liefde voor zang, dans, muziek en woorden. Want een gedicht heeft ritme, klanken en betekenis nodig. De oorsprong van mijn gedichten is vaag, de zinnen komen eigenlijk nergens en zomaar ergens vandaan, opeens zijn ze er. En dan ga ik ze bewerken en polijsten tot ze treffend, verrassend en mooi genoeg zijn. Want de kunst van een goed gedicht is, denk ik, dat ieder woord raakt: op meerdere niveaus en vol. Eens hoop ik zover te zijn, dat ieder gedicht van mij een voltreffer is.’

Loes schrijft gedichten voor volwassenen, jongeren en kinderen. Er zijn (nog) geen gedichten van haar uitgegeven, daarom laat ze er hier een aantal zien:


Voor kinderen:  

De cavia

De cavia is weg
en Jasper huilt
en Floris zoekt
en Pip de hond
kijkt van me weg.

Ik zie zijn baard
Jasper kijkt in zijn bek
Floris onder zijn staart
Pip zal toch niet......
de cavia is weg.


Mijn zusje

Zij is heel mooi, mijn zusje,
altijd vrolijk en leuk
om haar gekke bekken
lig ik in een deuk.

Zij is heel bijzonder
dat zusje van mij
we spelen veel samen
met kleurtjes of klei.

Zij is heel speciaal, mijn zusje,
en zit op een schooltje
waar iedereen lacht
zij is een mongooltje.


Zoek

Ik zoek al een kwartier
naar de beste manier
om die sommen te kraken
de duffe breuken te maken.

Ik cijfer, hardop en zacht
het gaat boven mijn macht
mijn verstand is zoek
verstopt in mijn rekenboek.


Herfst

Eikel zet zijn hoedje op
Kastanje doet zijn jasje aan
de wind blaast door de takken
het is tijd om op stap te gaan.

Eikel maakt zich extra zwaar
Kastanje hangt te tollen
bladeren dartelen naar de grond
het is tijd om te gaan dollen.

En eindelijk, daar gaan ze dan
joelend naar beneden
het is als vallen van de trap
maar dan een zonder treden.

Vrolijk stuiteren ze op straat
daar begint het echte feest
bij kinderen die knutselen
genieten ze het allermeest.

Eikel krijgt dan een grijs hoedje
kastanje mag zijn jasje uit
samen zijn ze dan een muis
het buikje en de snuit.


Onbewoond eiland

Ik ga naar een onbewoond eiland
Eentje met palmen en veel zand
Ik neem een voetbal mee
En een duikbril voor in zee

En mijn lekkere zachte bed
En de groene autoped
En mijn hamster en mijn poes
En het beertje Robbedoes
En mijn vader en mijn moeder
Niet mijn pestzusje, dat loeder
Maar die ga ik dan wel missen
En een hengel om te vissen
Met wat witbrood mee als aas
En mijn beste vriendje Klaas
En stiften en een kleurboek
een handdoek en zwembroek
mischien toch ook een tv
wat cd’ tjes en een pc.

Neem ik dat allemaal mee
naar mijn eiland in de zee,
dat is wel overdreven.
Dan maar beter hier gebleven.


Veertjes

Er vallen wat veertjes
Ze zweven in het rond
Ze zijn wit als sneeuw
En vallen op de grond.

Gekwaak komt dichterbij
Boven in de blauwe lucht
vliegen de wilde ganzen
Voor de kou op de vlucht.

En weer vallen veertjes
Ze zweven in het rond
Als de eerste sneeuwvlokjes
Dwarrelen ze op de grond.


Poes

Poes gaat op jacht
Ze sluipt door de tuin
En haar lichtrode vacht
Wordt zwart en bruin.

Langs takken en blaren
kruipt ze heel koen
zo krijgen haar haren
Een vale kleur groen.

De mussen op het dak
hebben geen nood
op hun dooie gemak
dalen ze af naar de goot.

Want die lichtrode poes
weten ze, das Mies
die speelt graag op safari
en wordt dan heel vies.

 

Verdwaald

Sam heeft nieuwe gympen
hij gaat er mee op stap
hij moet steeds naar ze kijken
ze staan hem reuze knap.

Sam loopt nu al een tijdje
gaat weer een hoekje om
hij ziet alleen zijn gympen
en verder niks, das dom.

Als Sam eindelijk opkijkt
heeft hij nog nooit zo gebaald
op zijn coole nieuwe gympen
is hij hartstikke verdwaald!


Zandman

Mijn moeder brengt me naar bed
en iedere avond weer
vertelt ze verhalen
keer op keer.

Alsof ik nog geloof in draken,
in Klaas Vaak en toverland
in droomprinsessen en
de fee van de tand.

Mijn moeder praat steeds zachter
en iedere avond weer
komt de zandman
keer op keer.

 


Voor jongeren:

naar boven

Liefziend

Puisten op mun wangen,
haren die slap hangen.
veel te scheve tanden,
dikke worstenhanden,
mooi ben ik echt niet
maar weet je wat hij ziet?

Kijk ik met zijn ogen,
kan ik bijna niet geloven,
hoe mooi ik wel niet ben,
met de ogen van hem.

 

Hangen

Hangjongere
Hangt maar rond
Hangt maar rond te hangen
Hangt maar hangend rond te hangen
Met hangende haren en een hangende broek
Hangt hij hoopvol rond te hangen, op te vallen voor haar
Zij met haar zwarte opgestoken haren en strakke spijkerbroek
Na weken hangen hangt het rondhangen hem de keel uit
Met hangende pootjes en mondhoeken die afhangen
Hangt hij niet langer rond te hangen
Hangt hij niet meer uit en rond
Zijn leven hangt niet meer af
Van haar.

 

Niet duwen, plukken en trekken

Vandaag op school
Stonden op het bord
De nieuwe regels voor
Wat wel en niet mag.

De rij van wel doen
Was eigenlijk best kort
Korter dan de lange rij
Van niet en nooit doen.

Een regel niet doen
Vond ik wel maf
Die van niet duwen,
Plukken en trekken.

Want ik duw graag
Eva tegen me aan
Pluk aan haar haren
springerig en blond.

Dan trek ik zachtjes
Haar hoofd naar me toe
Om haar te zoenen
Een paar tellen lang.

 


Voor volwassenen:

naar boven

SOS

Geheimtalige codes,
smileys, msm,
‘w8 op mei’
breekbare modes
van ‘hoestienauw’
verward op een rijtje
help me duiden
sos
niemand die
het hoognodige
verstaat.


Geest in de fles

Tweeduizendzes
pijl in een fles
tot grote hoogte
afgeschoten
opgeschoten
is tweeduizendvijf.

Tweeduizendzes
draai met de fles
geluk, gezondheid
liefde, succes,
almachtig is
de geest in de fles.

Toost en proost
voer hem dronken
breng hem in slaap
Beschonken
is hij onschuldig
de groene draak.

Of liever hem wekken
Met een knal van de kurk
Tot grote hoogte
afgeschoten
opgeschoten
…vuurwerk.

 

Lichtjaren

Dromen tillen me
vederlicht
uit mijn waken weg
ze verpakken uren
in fijne nevel
bij zon.
Merries dragen me
woestwild
uit mijn slaap weg
urenlang draven ze
door kille wouden
bij sikkelmaan.

 

Ongehoord goed

Het is ongehoord,
Een man met zo weinig
noten op zijn zang.

Een enkele hoge c
uiterst zuiver getroffen
laat hij los in de lucht.

De rest is resonantie,
echo en verwachting.
Muisstil wachten we.

In de verte klinkt
eenzelfde toon nu
eerbiedig overgenomen.

 


Illustraties: tekeningen en klokken van Jacqueline van Leeuwenstein. Voor meer ontwerpen: www.jacquelinevanleeuwenstein.nl

 

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.

Illustratie van Jacqueline van Leeuwenstein.